Op deze Tweede Pinksterdag, 25 mei 2026, publiceerde paus Leo XIV zijn eerste encycliek. De titel van deze rondzendbrief is Magnifica Humanitas, dat ik vertaal als 'de pracht van de menselijkheid'. Het hoofdonderwerp is kunstmatige intelligentie, met een uitstapje naar oorlog en vrede. De symboliek is zorgvuldig, daar kan je altijd van op aan bij pauselijke documenten met deze importantie: de 135e verjaardag van Rerum Novarum, de encycliek over de sociale leer in andere tijden die ook technisch revolutionair waren en vragen stelden aan wat mens-zijn betekent.
Ik heb het stuk gelezen, als katholiek en als communicatieadviseur. Hier is wat mij opvalt.
Toren van Babel en Stad Gods
De opening laat meteen zien waar het om draait: de mensheid staat voor een fundamentele keuze, namelijk ofwel een nieuwe Toren van Babel bouwen, ofwel de stad waarin God en mensen samen wonen.
Babel staat voor technologische hoogmoed: een enkel systeem, een enkele taal, efficiency ten koste van de zwakken.
Maar Nehemia, die in het gelijknamige bijbelboek de muren van Jeruzalem laat herbouwen, staat voor het alternatief: gedeelde verantwoordelijkheid, ieder zijn eigen stuk muur, luisteren voor je handelt.
Die tegenstelling houdt de paus vol door het hele document, en gelukkig kleurt hij het verder dan alleen zwart en wit.
Een augustijner paus
Robert Prevost is een augustijner kloosterling, en dat merk je. Augustinus staat er natuurlijk in: "U hebt ons gemaakt voor uzelf, Heer, en ons hart is onrustig totdat het rust vindt in U."
Zo ook eindigt hoofdstuk 3 met een rechtstreeks citaat uit De Civitate Dei (de Stad Gods): "Twee liefdes hebben twee steden gebouwd: de aardse stad door de liefde voor zichzelf tot aan de verachting van God, de hemelse stad door de liefde voor God tot aan de verachting van zichzelf."
Die twee steden zijn bij Leo XIV het referentiepunt voor het AI-tijdperk. Welke liefde drijft de architecten van de technologie? Dat is een augustijns vraagstuk en geeft de encycliek spirituele diepgang.
Wat de encycliek zegt
Na twee hoofdstukken over de traditie van de sociale leer, van Leo XIII tot Franciscus, gaat hoofdstuk 3 over het technocratisch paradigma en de filosofische onderstroom: transhumanisme en posthumanisme. Transhumanisme gaat over het verbeteren van de mens en het overwinnen van fysieke beperkingen als veroudering of sterfelijkheid. Posthumanisme gaat verder en neemt afstand van de mens als maatstaf van de dingen. De mens is niet meer het middelpunt van het universum, maar een onderdeel van een continuum tussen technologie en natuur.
Die stromingen zien de menselijke beperking als fout en technologie als middel om die te overwinnen. Het antwoord van de paus is meer christelijk humanistisch: de mens is niet gevangen in zijn natuur, maar geroepen tot zelfoverstijging door liefde. Maar niet door technische optimalisatie om het eeuwige leven te bereiken.
Vervolgens behandelt hoofdstuk 4 drie concrete terreinen.
Waarheid: algoritmen versterken desinformatie en vormen via de architectuur van zichtbaarheid het collectieve verbeeldingsvermogen.
Werk: AI dreigt werk te dehumaniseren en werknemers te onderwerpen aan de snelheid van machines.
Vrijheid: waarschuwingen voor digitale verslaving en nieuwe vormen van slavernij in de productieketens achter onze apparaten, inclusief een opvallende erkenning dat de kerk historisch te traag heeft gereageerd op slavernij, en een verzoek om vergeving in een zijnootje.
Hoofdstuk 5 gaat over oorlog en vond ik zelf veel van de tijdgeest van vandaag reflecteren. Het had er ook uit gekund. En waarom, daar kom ik zo op. Geen algoritme kan oorlog moreel acceptabel maken zegt deze paus. Autonome wapensystemen mogen geen beslissingen nemen over leven en dood. Maar ja, dat is wel de praktijk van alle dag aan het worden, en daarvoor waarschuwt paus Leo. Prima, maar dat had ook elders gekund. Aan de andere kant: je kunt niet genoeg vrede bepleiten en waarschuwen tegen oorlog.
Wat ik mis
De encycliek behandelt AI primair als een structuurvraagstuk: wie bezit de data, wie controleert de algoritmen, wie wordt buitengesloten. Terecht.
Maar de enorme rol van media of communicatie wordt niet expliciet verwerkt in het pauselijk schrijven. Terwijl communicatie werkt op het niveau van de alledaagse relatie, het vertrouwen tussen mensen die met elkaar spreken en schrijven. En daar speelt AI een enorm toenemende rol in.
Wat ontbreekt is de vraag wat er gebeurt als een organisatie automatisch mails beantwoordt met AI? Als een nieuwsbrief persoonlijk klinkt maar volledig gegenereerd is? Od als je als ontvanger niet meer weet of je met een mens of een machine communiceert? Of de verzuchtingen van content creators, bibliothecarissen of juristen over bronvermelding, eindeloos kopieergedrag en van wie is nu een stuk?
De vertrouwensrelatie die bij menselijke waardevolle communicatie hoort, het idee dat achter woorden een persoon staat die iets meent, wordt door AI aangetast. Daar heeft de paus het niet echt over. En, bet you, dat raakt polarisatie, sociale onrust, en ook mogelijk oorlogsdreigingen. Dat is geen klein bier en past goed in een encycliek. Er mocht best wat meer worden geschreven over juridisch beleid, of ethische richtlijnen rondom AGI.
Bovenal pleit paus Leo voor een ethische code die onderworpen is aan gedeelde normen van sociale rechtvaardigheid, omdat ‘een morelere AI niet genoeg is als die moraliteit door een paar mensen wordt bepaald’. Hij voegt eraan toe dat de milieu-impact van nieuwe technologieën ook niet over het hoofd mag worden gezien, aangezien ze grote hoeveelheden energie en water vereisen en de schepping beïnvloeden. Dat is oud bier in het gesprek over AI.
Communio et Progressio, de pastorale instructie over communicatie uit 1971, stelde dat authentieke communicatie een gave van jezelf is, een act van persoonlijke aanwezigheid. Die lijn had Leo XIV door kunnen trekken. Dat doet hij niet, althans, niet expliciet want het klinkt wel door voor de nauwgezette lezer. Hij kiest echter bewust voor de lijn van de Sociale Leer, niet die van de communicatiepastoraal. Begrijpelijk, maar voor kerken en maatschappelijke organisaties is dit juist mijns inziens een urgente vraag: wat betekent het nog om als organisatie een eigen stem te hebben, als die stem gegenereerd kan worden?
Nieuw en niet nieuw
De grondslagen zijn volledig in continuiteit met de katholieke sociale leer sinds 1891. Menselijke waardigheid, gemeenschappelijk goed, subsidiariteit, solidariteit: het is niet nieuw, maar wordt nu wel geactualiseerd.
De toon en het niveau - een encycliek - zijn best nieuw. Nieuw is ook de expliciete kritiek op transhumanisme en posthumanisme als ideologische gevaren, en de scherpte waarmee de paus de private machtsconcentratie benoemt. Technologische macht met zijn techmiljardairs heeft een ongekend privaat karakter gekregen dat bestuur en regulering fundamenteel bemoeilijkt.
Tot slot
Magnifica Humanitas is geen technisch document, en dat is maar goed ook. Het is een theologisch en moreel kompas voor een tijdperk dat een kompas hard nodig heeft. De encycliek stelt de goede grote vragen:
- voor wie bouwen we
- vanuit welke liefde
- wie betaalt de prijs als wij dat niet doordenken?
Niet alles staat er. Maar de vragen die erin staan, zijn de juiste.
"Ieder bouwt zijn stuk muur." Dat is de uitnodiging van Nehemia, en van deze paus.